12 oktober 2010
De rechtbank van Utrecht heeft een fietseigenaar die van mening was dat de gemeente Utrecht fouten had gemaakt bij de procedure rondom het verwijderen van zijn fiets in het gelijk gesteld. De gemeente heeft weliswaar aan alle procedures voor het verwijderen van fietsen voldaan, maar het feit dat de gemeente die fietseigenaar liet weten dat zijn bezwaarschrift hiertegen niet-ontvankelijk was, was voor de rechtbank reden om de hele procedure als niet geldig te verklaren.
Eind januari 2009 werd de fiets verwijderd van de openbare weg in Utrecht. De gemeente voldeed hierbij aan de bekendmakingsvereisten door middel van een vooraankondiging van de verwijderingsactie en labeling van de fietswrakken.
De fietseigenaar verzocht de gemeente op 5 februari 2009 per brief om onderbouwing van de verwijdering van zijn fiets en om schadevergoeding. De gemeente merkte deze brief aan als een (niet-ontvankelijk) bezwaarschrift en niet als een verzoek om het besluit ingevolge artikel 5:24, derde lid, van de Awb. De rechtbank is van mening dat de gemeente de brief wel had mogen afwijzen, maar een fout maakte door de brief als niet-ontvankelijk aan te merken. Hierdoor verklaarde de rechtbank het beroep van de fietseigenaar gegrond.