28 juli 2011
Een fietsster uit Utrecht die bezwaar maakte tegen het besluit van de gemeente om haar bij het station geparkeerde fiets met spoed' weg te knippen, is door de rechtbank in het gelijk gesteld. Haar wordt een schadevergoeding toegekend. De uitspraak ligt in het verlengde van een eerdere uitspraak van de Raad van State vorig jaar over een geval in Nijmegen.
Fietsen die gevaarlijk gestald staan kunnen door de gemeente met spoed verwijderd worden. Dit met het doel om nooduitgangen, blindengeleidestroken en voetgangersdoorgangen toegankelijk te houden. Vanwege de spoedeisendheid, gelden er in dat geval minder strenge eisen dan bij een gewoon foutgeparkeerde fiets.
Toevlucht
Nederlandse gemeentes hebben op grote schaal hun toevlucht genomen tot het met spoed verwijderen van fietsen, ook waar deze niet gevaarlijk gestald zijn. De rechter oordeelt nu dat het dan wel noodzakelijk is om het spoedeisend belang aan te tonen. Dat is een standpunt dat de Fietsersbond al jaren proclameert. Wanneer de gemeente dat niet kan of nalaat, dient de fiets gewoon op de normale wijze verwijderd te worden. De overtreder dient eerst gewaarschuwd te worden dat de fiets foutgeparkeerd staat en een redelijke termijn te krijgen om zijn fiets alsnog goed te stallen.